Dagthema: Missie en Zending – Dit gebied Ik u, dat u elkaar liefhebt” met inleidingen van Haitze Wiersma en Willem Talsma

We lezen Joh. 15:15-18 (Telosvertaling)
15 Ik noem u niet meer slaven, want de slaaf weet niet wat zijn heer doet; maar Ik heb u vrienden ge-noemd, omdat Ik u alles wat Ik van mijn Vader heb gehoord, bekend gemaakt heb.
16 U hebt Mij niet uitverkoren, maar Ik heb u uitverkoren, en Ik heb u gesteld dat u zou heengaan en vrucht dragen en dat uw vrucht zou blijven, opdat alles wat u de Vader zult bidden in mijn naam, Hij u dat geeft.
17 Dit gebied Ik u, dat u elkaar liefhebt.
18 Als de wereld u haat, weet dat zij Mij eerder dan u heeft gehaat.

We lezen eveneens I Johannes 5:9-13 (Telosvertaling)
9 Als wij het getuigenis van de mensen aannemen, het getuigenis van God is groter; want dit is het ge-tuigenis van God dat Hij getuigd heeft over zijn Zoon.
10 Wie in de Zoon van God gelooft, heeft het getuigenis in zichzelf; wie God niet gelooft, heeft Hem tot een leugenaar gemaakt, omdat hij niet heeft geloofd in het getuigenis dat God heeft gegeven over zijn Zoon.
11 En dit is het getuigenis: dat God ons eeuwig leven heeft gegeven, en dit leven is in zijn Zoon.
12 Wie de Zoon heeft, heeft het leven; wie de Zoon van God niet heeft, heeft het leven niet.
13 Deze dingen heb ik u geschreven, opdat u weet dat u eeuwig leven hebt, u die in de naam van de Zoon van God gelooft.

Alweer de laatste avond van deze Week van Gebed onder het motto: #blijfinmijnliefde.
Voor vanavond is het deelthema bij de pijler Missie/Zending: “Dit gebied Ik u, dat u elkaar liefhebt”.
In de hoofdstukken 13-17, blijken Jezus’ woorden slechts gericht te zijn tot zijn discipelen, zijn volgelin-gen en niet tot de (godsdienstige) wereld.
De Here Jezus eet met zijn discipelen de Paasmaaltijd, geeft hen instructies voor nà zijn heengaan, en ook nog een weerbaarheidstraining met het oog op de Hem, en hen hatende wereld.
Juist daarom is de onderling liefde de onmisbare schakel om samen staande te kunnen blijven in de wereld van vandaag.

In schril contrast met die wereld – en in haar haat ligt immers haar einde – hebben Jezus’ leerlingen zijn leven ín hen ontvangen. Het vruchtdragende levenssap van de Wijnstok gaat dóór de rank naar de vrucht.
En juist die vrucht van de wijnstok is het getuigenis van de ranken.
En is dàt niet jou en mijn missie? Doorgeven wat ín ons is: het getuigenis van God over Jezus Christus zijn Zoon. Dát laten zien èn doorgeven aan de wereld om ons heen, dát is ‘getuigen’, dát is vruchtdra-gen! Hoe?
1.“elkaar liefhebben”, zoals Jezus had gezegd: Dit gebied Ik u, dat u elkaar liefhebt en dus ook de vrede onderling bevorderen en bewaren en
2. dan, gezamenlijk het getuigenis/het vruchtdragen verder gestalte geven, dichtbij: in Sneek in SWF; denk aan hulpverlening, dichtbij en veraf, denk ook aan de rechte prediking van het Woord en het evan-gelie…..
….maar ook veraf, als het gaat om financiële/materiële ondersteuning van allerlei hulpverleningsorga-nisaties en zendingsprojecten….en niet te vergeten voor hen te bidden en voor een wereld die blind is èn in nood is.
Denk je eens in, hoe blij de Vader wel is, als Hij het getuigenis van zijn Zoon, overvloedig bij Jezus’ disci-pelen vindt…..bij ons dus…..bij jou en mij dus.

Gebedsblok.
Stel je hierbij open voor de leiding van de Heilige Geest.
Denk na en bid over en voor:
1. …. jouw verbondenheid …. met de Here Jezus….
2. …. ….met medechristenen….heb je nog voorwaarden vooraf om echt lief te hebben?
3. …. verbondenheid bij 1 en 2 zou in de wereld tot geloof leiden in Jezus (Jh17:21-22)…
4. …. is er in Gods kerk over 1, 2 en 3 verootmoediging nodig..?
5. …. de verhouding tussen de plannen van de Heer en die van jezelf…(vgl Spr.3:6 en 16:3)
6. …. bid voor, en zegen Gods werk en dienstknechten (…) dichtbij en veraf..
7. …. bid, dat jij en al Gods kinderen zich sterker aan Jezus verbinden tot vreugde van de Vader
(vgl
8. …. heeft Jezus’ gemeente niet eveneens de late regen (van de Heilige Geest) nodig (Zach.10:1)? Bid erom!

Luisterlied: “Vrucht dragen”
Opwekking 616 “Houdt me dicht bij U…”
Opwekking 51 “Dit is mijn gebod, dat gij elkander liefhebt…”
Opwekking 268 “Hij kwam bij ons heel gewoon”